In- en uitzoomen


In- en uitzoomen met het statusmodel   (versie 0.9.6)

We kunnen in twee richtingen in- en uitzoomen. Allereerst kunnen we veranderingen in de tijd waarnemen. We kunnen veranderingen van moment tot moment, van seconde tot seconde observeren en beschrijven. We kijken niet naar afzonderlijke momenten, maar naar periodes. Zo schuift status op in de dimensie 'tijd'. Als we zo'n reeks momenten samenvatten, ontstaan herkenbare patronen.

Een andere dimensie is 'entiteit'. Als we beschrijven hoe iemand zich gedraagt, hebben we het over individueel gedrag. Hierbij is een entiteit één mens. We kunnen ook beschrijven hoe groepen met elkaar omgaan. We beschrijven hoe de ene groep omgaat met de andere groep en hoe de groepen zich tot elkaar verhouden.

In onderstaande tabel staan de dimensies tijd en entiteit.

Niveau

Tijd

Entiteit

Micro

van moment tot moment, bijvoorbeeld seconden en fracties van seconden.

enkele individuen die met elkaar communiceren.

Meso

processen en patronen, gevormd door vele momenten samen.

groepen, teams, afdelingen.

Macro

langere periodes, bijvoorbeeld jaren, generaties.

samenleving, culturen, subculturen.

Tabel 2 Overzicht van niveaus en dimensies in het statusmodel

Met het onderscheid van de drie niveaus (micro, meso en macro) en de twee dimensies (tijd en entiteit), laten we zien dat status een breder toepassingsgebied heeft dan alleen het individuele gedrag.

Alle combinaties uit bovenstaande tabel zijn mogelijk. Bijvoorbeeld mesoniveau 'tijd' plus microniveau 'entiteit'. Deze combinatie geeft inzicht in de statuspatronen van individuen die met elkaar omgaan over een bepaalde periode.

Nanoniveau

Er is nog een kleiner niveau waarop we kunnen inzoomen. Op dat nanoniveau kijken we niet meer naar het individuele gedrag van een mens, maar naar de processen ín die mens. Hier gaat het over prikkels en signalen die we als verlagingen en verhogingen kunnen duiden.

Zo is de prikkel 'honger' een verlager met een duidelijke functie: realiseer op korte termijn de verhoging door te eten. Op dit niveau spelen fysiologische processen die ons leven reguleren – en soms zelfs het overleven bepalen.

Status in de dimensie tijd

Interactiestatus zien we op verschillende manieren terug in de dimensie 'tijd'.

Dimensie tijd, microniveau

Op microniveau maken we een analyse van concreet gedrag op een bepaald moment. We geven een beschrijving van gedrag op één moment, daarna een nieuwe beschrijving van het volgende moment. Het tijdverschil tussen twee momenten kan bijzonder klein zijn, zelfs tot fracties van een seconde. In dat laatste geval neigen we naar nanoniveau.

Met de reeks van beschrijvingen kunnen we bijvoorbeeld een verslag maken van een kort gesprek tussen twee mensen.

Het microniveau zegt overigens niet per definitie iets over de relatie tussen betrokkenen. Het gedrag geeft alleen maar informatie over statusbewegingen op het betreffende moment.

Dimensie tijd, mesoniveau

We kunnen ook over een langere periode naar communicatie kijken. Niet het gedrag op het ene of andere moment is interessant, maar het patroon dat door een hele reeks momenten samen gevormd wordt. Op dit niveau, het mesoniveau, zien we geen geïsoleerde momenten, maar het communicatieproces dat daar uit voortvloeit.

Op mesoniveau is het gedrag nog wel relevant – het 'maakt' de verhoudingen – maar het is niet meer in detail zichtbaar. We zien nu de grote lijnen, de patronen in de communicatie, de rode draad van de verhoudingen.

Kleine veranderingen in statusgedrag op geïsoleerde momenten maken weinig tot geen verschil voor de analyse op dit niveau; die details nemen we nu niet meer waar. Grotere wijzigingen zijn wel van invloed.

Het mesoniveau in tijd geeft informatie over de algemene relaties tussen betrokkenen. Op dit niveau kunnen we de rollen herkennen, zoals die zichtbaar worden in een groep. We zien bijvoorbeeld de cohesie – of het ontbreken daarvan – tussen teamleden. En nu kunnen we zien of de baas wel echt de baas is en of de medewerker diens opdrachten in het algemeen ook opvolgt.

We zien nu wat per saldo de belangrijkste of meest dominante statusbewegingen zijn.

Dimensie tijd, macroniveau

Op macroniveau kregen we inzicht in wat er op langere termijn gebeurt. Zo zien we de manier waarop we met elkaar omgaan is veranderd. Zulke veranderingen zijn onder andere door de socioloog Norbert Elias mooi beschreven.

Op dit niveau verdwijnen gedragskenmerken van een enkel moment nog verder naar de achtergrond. Dat betekent overigens niet dat we hier per definitie niet naar individuen kijken. Een beschrijving van de veranderende of veranderde verhoudingen tussen gezinsleden in de loop van enkele decennia zouden we onder macroniveau kunnen scharen.

Nog steeds hebben we het over hoe mensen of groepen mensen met elkaar omgaan en zich gedragen. We hebben het over communicatieve verhoudingen en dus over interactiestatus. Het is belangrijk helder voor ogen te hebben van welke definitie we uitgaan. Deze definitie bepaalt welke analyses we maken.

Status in de dimensie entiteit

Evenals bij de dimensie 'tijd' kunnen we bij de dimensie 'entiteit' van klein naar groot gaan.

Dimensie entiteit, nanoniveau

We beschrijven processen die op microscopisch (en kleiner) niveau plaatsvinden. Hiertoe behoren bijvoorbeeld prikkels in het lichaam en veranderingen in de hormoonhuishouding.

Dimensie entiteit, microniveau

Het communicatieve verloop heeft betrekking op individuen. We kijken naar het gedrag van enkele individuen.

Dimensie entiteit, mesoniveau

Groepen mensen, bijvoorbeeld afdelingen van een bedrijf of instelling, kunnen we als eenheden zien. Zulke groepen, afdelingen of eenheden gaan met elkaar om en verhouden zich tot elkaar. Ook deze verhoudingen kunnen we beschrijven in termen van status. Deze verschuiving van individu naar groep is als het ware een schaalvergroting van entiteiten.

In principe kunnen we hier een beschrijving van moment tot moment maken. In de praktijk is het zinvoller ook qua tijd naar een andere schaal te gaan.

Dimensie entiteit, macroniveau

Zoals we bij de voorgaande niveausprong van individu naar groep gingen, gaan we hier van de kleinere groep naar de samenleving als geheel of een deel daarvan. We hebben het op dit niveau over samenlevingen, culturen en subculturen. Zoals de individuele gedragingen van invloed zijn op het communicatieproces, zo zijn de processen in de verschillende groepen van invloed op de verhoudingen in de samenleving en tussen samenlevingen onderling.

De niveaus in beeldtaal

We kunnen een afbeelding op een beeldscherm of een foto als metafoor gebruiken voor de verschillende niveaus. Zo'n afbeelding bestaat uit allemaal kleine puntjes ofwel beeldpunten. Een analyse van status op microniveau is vergelijkbaar met het analyseren van de afbeelding op het niveau van de beeldpunten. Op dit niveau is elke wijziging van een beeldpunt merkbaar en zichtbaar.

Figuur 1 laat een detail zien van de mond van de Madonna. We hebben zo ver ingezoomd, dat we alleen een reeks beeldpunten zien. De mond is daar moeilijk in te herkennen. Het linker plaatje is ongewijzigd en van het middelste plaatje is één beeldpunt wit gemaakt. In de rechter afbeelding zijn negen beeldpunten wit gemaakt. Deze negen witte punten zijn erg bepalend voor het beeld.

Dimensies afbeelding 1

Figuur 1 Microniveau: afzonderlijke beeldpunten

In de metafoor van de afbeelding kijken we op mesoniveau niet meer naar de beeldpunten, maar naar het plaatje dat door al die beeldpunten samen wordt gevormd. We zoomen als het ware uit.

Op het mesoniveau kunnen we de afzonderlijke beeldpunten, net als het gedrag van een enkel moment of individu, nog steeds zien. Ze zijn echter veel minder bepalend voor het totaalbeeld dan op microniveau.

Dimensies afbeelding 2

Figuur 2 Mesoniveau: een deel van de afbeelding

Wanneer we verder uitzoomen naar het macroniveau, krijgen we een overzicht van alle onderdelen waaruit de afbeelding is opgebouwd. De onderdelen vormen samen het gezicht, waarin afzonderlijke beeldpunten wel een rol spelen, maar niet meer individueel herkenbaar zijn.

De plaatjes in figuur 3 zien er alledrie hetzelfde uit. Het gewijzigde beeldpunt in het middelste plaatje is onzichtbaar. In de rechter afbeelding is de groep van gewijzigde beeldpunten niet of nauwelijks zichtbaar.

Dimensies afbeelding 3

Figuur 3 Macroniveau: de volledige afbeelding

Let's Get In Touch!


© Stultiens & Stultiens